Opdracht: Schrijf een tafelscène van maximaal
300 woorden met een door jou bedacht personage met een ander
personage. Gebruik zintuiglijke details.
Tafelscène
Tevreden kijk ik naar mijn gedekte
tafel. De paarsblauwe onderborden, het zilveren bestek, de kristallen
glazen en de paarse theelichthouders, het ziet er uitnodigend uit.
Het voorgerecht kan zó op tafel. De in mijn rookoventje bereide zalm
hoeft alleen nog even in de oven. Maar het is pas vier uur en Joris
komt pas rond half 7.
Ik mailde Joris na een
radio-uitzending, waarin hij enthousiast sprak over huizenruil. Dat
leek mij ook wel wat. Omdat hij vandaag toch in Breda moet zijn
stelde hij voor even langs te komen. Ik nodigde hem daarop uit voor
het eten. Maar nu bekruipt me de twijfel. Wat ben ik begonnen? Wat
heb ik eigenlijk te bieden? Is dit een date? Ik leg nog maar eens een
mes recht, pak een tijdschrift.
Eindelijk stopt er een taxi voor de
deur en daar is hij. Groot, slank, lekkere after-shave. Hij vult meteen de kamer. Hij
loopt rond en bekijkt mijn schilderijen en kunstvoorwerpen. Ik vertel
de geschiedenis daarachter en het ijs is gebroken. 'Je huis is echt
wel een mooi ruilobject' vindt hij.
Aan tafel geniet hij zichtbaar van het
voorgerecht. De zoetzure marinade met lemon, mosterd, honing en witte
wijnazijn combineert mooi met de zachte coquilles.
De geroosterde groenten, gekruid met
tijm, oregano en rozemarijn brengen een mediterrane sfeer. De roze
zalm ruikt zilt en heeft een lichte rooksmaak. De witte wijn biedt
een zweem van vanille.
Een toetje heb ik niet, omdat ik zelf
geen toetjesmens ben. We drinken sterk geurende espresso uit mijn
koffiemachine.
We babbelen over de ervaring die Joris
heeft met huizen in New York, Australië, Cuba.... Het is genoeglijk.
Misschien wil ik wel een keer naar Amsterdam komen? Een datum spreken
we niet af. En dan staat de taxi voor de deur.