Over deze site

De teksten onder "Schrijfsels" zijn uitgewerkte opdrachten die ik schreef in het kader van mijn opleiding aan de schrijversacademie (zie "Over mij"). Nu vul ik het blog zo nu en dan aan met wat ik 'eigen werk' noem. Omdat ik ervan wil leren ben ik blij met elk commentaar.


dinsdag 8 november 2016





Een 'elfje', tot stand gekomen tijdens een ochtendloopje langs de Mark.

Winterochtend
witte rijp
op treurende varens
bomen verwerpen hun kleur
wantenweer

vrijdag 21 oktober 2016

Vliegtuigcrew.





Opdracht: schrijf samen met een mede-student een aangeklede dialoog.

Na een lange vlucht met de nodige uitdagingen zit Judith in de personeelslounge op het vliegveld bij te komen. Het is gezellig druk. Misschien komt ze iemand tegen met wie ze een pilsje kan gaan drinken vóór ze haar bed in duikt.
Dirk ziet Judith alleen aan de bar zitten en hij ziet meteen een lekkere avond en een zwoele nacht voor zich. Het is nu of nooit denkt hij. Vol zelfvertrouwen stapt hij op haar af.

'Hé Judith, goede vlucht gehad?'
'Gaat wel hoor,' zegt ze kortaf.
'Is er iets vervelends gebeurd? Wil je erover praten?'
'Helemaal niet. Het was gewoon een lange vlucht.'

Judith draait haar rug naar hem toe en kijkt om zich heen. Hij is wel de laatste met wie ze een gezellig drankje wil doen. Eigenlijk wil ze hem gewoon nooit meer zien, maar ja, ze werken nu eenmaal bij hetzelfde bedrijf.
Dirk voelt wel haar afweer, maar geeft niet op.

'Gewoon? Maar waarom dan dat lange gezicht? Dat staat je niet zo goed als die prachtige glimlach van je.'
'Oh, nou, ik ben gewoon moe en wil naar huis.'
'Dat wordt dan lastig, even 2000 km overbruggen. Maar als je thuis mist kan ik je misschien wel helpen. Ik heb de president suite met een groot ligbad waar je lekker kunt liggen bubbelen.'
'Dirk, je weet dat ik niets meer met je wil, dus vergeet het maar.'
'Kom nou, zo erg was het toch niet. Je kunt niet ontkennen dat we lol hebben gehad en dat kunnen we nog steeds.'
'Nee, dat kunnen we niet wat mij betreft. Je hebt me diep gekwetst door het met mijn vriendin aan te leggen. Dat vergeef ik je niet. Ik ga er vandoor.' Ze pakt haar tas en staat op.
'Judith wacht nou even. Ik weet dat het niet netjes was, maar je weet hoe het is na die lange vluchten. En ik wist niet dat we exclusief waren. Vrijheid blijheid is het motto toch? Vergeef me en ik maak het goed met je.'
'Maar ik ging ervan uit dat je het echt met me meende. Dat vrijheid blijheid past niet bij mij. Laat me nu maar.'
'Ik wil het graag goedmaken met je, dus vertel me wat ik moet doen en ik doe het.'
'Ik ben eens weg.'

Judith staat op en beent de lounge uit.


zondag 9 oktober 2016

Stapelgedicht

Opdracht: Ga voor je boekenkast staan, neem er boeken uit die je zodanig op elkaar stapelt dat de titels op de ruggen samen een gedicht vormen.


woensdag 28 september 2016

Geheimen



Opdracht: Schrijf een fragment van maximaal 300 woorden waarin het personage dat eerder een onaangename ontdekking deed (een foto van haarzelf 20 jaar geleden) erover praat met iemand. Niet op een directe manier. Ze suggereert wat er is gebeurd zonder het direct te zeggen.

Annemiek zit met Mariëlle in haar keuken. Mariëlle, die zich graag opwerpt als haar vriendin, maar Annemiek vraagt zich soms af of ze wel echt een vriendin is. Ze kan lang niet alles met haar delen. Nadat haar relatie met Eric is stukgegaan heeft ze toch wel veel voor haar betekend, maar van haar andere leven weet Mariëlle niets.

Annemiek laat de 20 jaar oude foto van een superslanke zelf zien.

'Weet je Mariëlle, die foto, dat was het laatste weekend met Eric. Wat zie ik er gelukkig uit hé? En wat was ik mooi slank. Toen is hij bij me weggegaan. Nou ja, ik heb hem weggestuurd vanwege die ander, daar weet jij alles van. Weet je trouwens al dat ik aan het daten ben?'

'Nee, vertel op. Heb je al een ontmoeting gehad met iemand?'

'Nou het valt tegen hoor. Als ik denk iemand te hebben ontmoet die écht naar me kijkt, waar ik contact mee heb, laat hij het weer afweten'.

'Eigenlijk vind ik het ook heel onnatuurlijk om op die manier een relatie aan te knopen'.

'Nou ja, met uitgaan lukt het ook niet.'

'Misschien moet je eerst eens wat afvallen. Als ik je nu zie en ik zie die foto, nou, je hebt je wel wat laten gaan. Een diëtiste misschien?'

'Maar daar zit het hem niet in Mariëlle. Ik weet heus wel wat gezond eten is. Daar heb ik echt geen diëtiste voor nodig. Maar je moest eens weten wat er met me gebeurt als het weer eens is mislukt. Ik zit niet zó maar wat te kniezen hoor. Je moest eens weten wat ik dan ga doen.'

'Ik kan me er wel iets bij voorstellen hoor'.

'Ach, je denkt dat je me kent, maar je weet nog niet de hélft van me'.

'Oh, wat is dit nu weer. Wat mag ik niet van je weten? Ik dacht dat we vriendinnen waren?'

'Dat dacht ik ook, maar ik twijfel soms. Jij weet het allemaal zo goed. Jij hebt alles op orde'.

'Oh?'


Vroege ochtend



Nevels boven weilanden en rivier
De zon splijt ze in slierten
Wolkjes boven het water
Koeien ontdoen zich van hun mistige jas
Spinnen versieren de dauw op het gras
Herfsttooi

woensdag 31 augustus 2016

De foto.


Opdracht: Schrijf een 'aangeklede dialoog', d.w.z. met ook ongesproken tekst. Laat de dialoog iets onthullen over je personages.

Annemiek wordt in haar mijmeringen over Eric en het einde van hun relatie gestoord door de bel. Haar vriendin Mariëlle staat aan de deur. 'Ik probeer je steeds te bellen, maar je neemt niet op.'
'Ach, mijn telefoon ligt in de keuken en ik ben boven bezig. Dan hoor ik die telefoon dus niet. Stom van me. Kom je even binnen?'
'Wat ben je aan het doen Annemiek? Je ziet er niet echt goed uit als ik het zeggen mag.'
'Tja, ik maak mijn werkkamer leeg. Al die boeken. Ik wil nieuwe vloerbedekking en dan meteen ook maar de muren sauzen, dus moet alles van zijn plek. Eigenlijk ben ik het al lang zat. Het is zó'n gesjouw en ik kom natuurlijk van alles tegen.'
'Zet je koffie? Kunnen we even bijkletsen en dan help ik je wel met je boekenkasten.'
Annemiek krijgt tranen in haar ogen. Ze kent Mariëlle al heel lang. Ze heeft de periode met Eric meegemaakt en was toen al haar steun en toeverlaat.
'Moet je kijken wat ik tussen mijn boeken vond.' Ze laat de 20 jaar oude foto van een superslanke Annemiek zien.
'Oei, je bent wel wat kilootjes meer om eerlijk te zijn' zegt Mariëlle.
'Ja, geen wonder dat ik geen succes heb met daten. Dat ik verdomme mezelf niet beter kan beheersen met eten. En die wijntjes ook.'
'Je zou wat aan sport moeten gaan doen.'
'Sport.' Annemiek steekt haar tong uit.
'Nou ja, als je er niets voor over hebt blijf je toch lekker gewoon zoals je bent? Maar dan moet je ook niet klagen. Je hebt jezelf wel erg verwaarloosd hoor Annemiek.'
'Je hebt natuurlijk weer gelijk. Ik zal er eens over denken. Als mijn kamer klaar is misschien.'

maandag 8 augustus 2016

De boekenkast


Opdracht: Schrijf een fragment dat de opening zou kunnen vormen van een verhaal. Toon je personage als iemand van vlees en bloed. Denk na over de verdeling handeling, beschrijving, gedachtestroom. Je personage is als enige in beeld. Er is geen interactie met anderen. Maximaal 300 woorden.

De boekenkast

Annemiek staat zuchtend op een hoge keukentrap in haar werkkamer. Eén voor één haalt ze haar boeken uit haar kast. Trap op en trap af. Ze wist het zweet van haar voorhoofd. Waar is ze aan begonnen? Er moet nieuwe vloerbedekking komen. Dat heeft ze heel lang uitgesteld, maar die laatste chocoladevlekken gaven de doorslag. Ieder boek kijkt ze even in. Soms glimlacht ze om een tekst die ze er in heeft geschreven, om een opdracht van een vriend, haalt haar wenkbrauwen op als ze schrikt van een jaartal. Heb ik dit al zo lang? denkt ze. Waar gaat het ook weer over?

Maar zo vlot het werk niet erg. Als ze één doos vol heeft wil ze hem naar de slaapkamer brengen. Ze krijgt de doos niet getild en krijgt tranen in haar ogen. Ze moet het ook allemaal in haar eentje doen. Dan maar weer de helft eruit.

Deze kamer is zó haar domein. Hier kan ze op haar comfortabele Mart Visser bank heerlijk zitten luisteren naar muziek, de krant of een boek lezen met een glaasje wijn erbij, hapje ernaast. Of aan haar grote kersenhouten tafel haar mail beantwoorden, haar administratie doen.

Als ze halverwege is vindt ze achter een rij boeken een foto van haarzelf in bikini. Zeker 20 jaar geleden. Jeetje, wat was ze toen slank. Hoe heeft ze zichzelf zó kunnen laten gaan. Bozig kijkt ze naar haar dikke buik.
Het was het laatste weekend met Eric. Ze hadden een duinwandeling gemaakt, aan het strand gelegen, vis gegeten. Maar kort daarop ontdekte ze dat hij nóg een vriendin had. Na veel ruzies, geklap met deuren, glazen door de kamer, tranen, is hij gegaan. Zij bleef en toen is het fout gegaan met haar.